Een rollator afstellen doe je door rechtop achter de rollator te gaan staan, je armen langs je lichaam te laten hangen en de handgrepen precies op polshoogte in te stellen. Dat klinkt simpel, en dat is het ook. Toch gaat het hier vaak mis, met vervelende klachten aan rug, schouders of polsen als gevolg.
De juiste hoogte bepalen voor je rollator
Ga recht achter de rollator staan met je gewone schoenen aan. Schoenen met een dikke zool of hakken veranderen je staande hoogte, dus draag altijd het schoeisel dat je normaal gesproken gebruikt. Laat vervolgens je armen ontspannen langs je lichaam hangen. Je polsen hangen nu op een bepaalde hoogte. Stel de handgrepen in op precies die hoogte, of net iets daarboven. Dat is de startpositie.
Bij de juiste instelling buig je je ellebogen licht als je de handgrepen vasthoudt. Dat is ongeveer een hoek van tien tot vijftien graden. Sta je met gestrekte armen te duwen, dan staan de handgrepen te laag. Moet je je schouders optrekken of je armen hoog houden, dan staan ze te hoog. Beide houdingen geven snel klachten.
Hoe stel je de hoogte technisch in?
De meeste rollators hebben twee manieren om de hoogte te regelen: een drukknop of een vleugelmoer. Bij een drukknop druk je de knop in, schuif je de buis omhoog of omlaag en laat je de knop los zodat hij vastklikt. Controleer altijd of de knop aan beide kanten goed vastzit. Bij een vleugelmoer draai je de moer los, schuif je de buis op de juiste hoogte en draai je hem weer stevig vast.
Stel altijd beide kanten op precies dezelfde hoogte in. Gebruik de cijfermarkering op de buizen als hulpmiddel. Staat de linkerkant op stand zes, dan moet de rechterkant ook op stand zes staan. Een ongelijke instelling geeft een scheve houding en dat merkje vroeg of laat in je rug of heupen.
Veelgemaakte fouten bij het afstellen
- Afstellen zonder schoenen aan. Een paar centimeter verschil door schoeisel maakt een merkbaar verschil in de praktijk.
- Afstellen op gevoel terwijl je leunt of gebogen staat. De rollator meten doe je altijd rechtop, zonder steun.
- De drukknop niet goed laten klikken. De buis lijkt dan vast te zitten, maar kan tijdens gebruik zakken.
- Beide kanten niet op gelijke hoogte instellen. Check dit altijd twee keer.
- Nooit meer bijstellen. Krijg je nieuwe schoenen, herstel je na een operatie of verandert je houding? Stel dan opnieuw af.
Wanneer moet je de instelling controleren?
Na de eerste instelling ben je er niet per definitie klaar mee. Controleer de hoogte opnieuw als je andere schoenen gaat dragen, als je lichaamsgericht werkt aan je houding (bijvoorbeeld na fysiotherapie) of als je merkt dat je pijn krijgt in je rug, nek of polsen tijdens het lopen. Die klachten zijn een duidelijk signaal dat de instelling niet meer klopt.
Twijfel je of je het goed hebt gedaan? Een fysiotherapeut of ergotherapeut kan de instelling voor je controleren en meekijken naar je loophouding. Dat is zeker de moeite waard als je de rollator dagelijks gebruikt.
Een goed afgestelde rollator geeft je meer steun, een betere houding en minder vermoeidheid. Het kost je letterlijk een minuut om het goed te doen, maar het verschil in comfort merk je bij elke stap.



